Gehoorschade / Welke vormen van gehoorschade zijn er?
- tinnitus ofwel oorsuizen, waarbij je geluid hoort (bijvoorbeeld gepiep, gefluit of gebrom) dat niet afkomstig is van de omgeving maar dat in het oor zélf ontstaat. Het vervelendste van tinnitus is dat je dit geluid niet kunt 'uitzetten': in het ergste geval verdwijnt het nooit uit het oor – ook ’s nachts niet. Dit kan haast gekmakend zijn.
Naar schatting heeft 35-40 procent van de beroepsmusici last van tinnitus. Circa zes procent wordt er zelfs erg door gehinderd – dat is twee keer zoveel als onder de rest van de (beroeps)bevolking. Van de orkestmusici lopen hoboïsten, fagottisten, fluitisten en klarinettisten het hoogste risico op deze aandoening.
- hyperacusis: een sterk verhoogde gevoeligheid van de oren voor (scherpe) geluiden, die hinderlijk hard klinken doordat de pijngrens voor hard geluid aanzienlijk lager ligt. In een gezond oor ligt die grens tussen de 130 en 140 decibel, maar bij mensen met hyperacusis kan dat teruglopen tot 80 à 90 decibel. Daardoor klinken geluiden die een gezond persoon ‘normaal’ vindt voor een hyperacusis-patiënt pijnlijk hard. Onder orkestmusici heeft meer dan een kwart van de spelers van hobo, fagot, fluit en klarinet last van deze aandoening.
- diplacusis, waarbij je met het linkeroor toonhoogtes anders waarneemt dan met het rechteroor; je interpreteert die tonen ‘verkeerd’. Bij langdurige blootstelling aan te hard geluid – en overigens ook naarmate je ouder wordt – verslechtert in eerste instantie de waarneming van hoge tonen. Dit komt doordat in het slakkenhuis de meeste energie (of beter: de sterkste geluidstrillingen) vooraan in dit labyrinth binnenkomt; dat is precies de plek waar de haarcellen liggen die voor de verwerking van hoge tonen zorgen. De haarcellen die de lage tonen verwerken liggen dieper in het slakkenhuis en zijn daardoor beter beschermd tegen sterke trillingen. Voor de duidelijkheid: het is dus niet zo dat de toonhoogte van het geluid dat gehoorschade veroorzaakt overeenkomt met het slechter horen van diezelfde tonen.
- distortie, waarbij je tijdelijk of blijvend geluiden vervormd waarneemt.
- cocktail party-effect: een sterk verschillende gevoeligheid tussen het linker- en rechteroor, waardoor je in ruimtes met achtergrondgeluid specifieke geluiden moeilijk kunt onderscheiden. In het normale sociale verkeer kan dit heel lastig zijn, omdat het een stuk lastiger wordt om een gesprek goed te volgen. Voor orkestmusici is dit fenomeen helemaal een probleem: ze kunnen bepaalde instrumenten van andere orkestleden moeilijker horen, waardoor het samenspel vanzelfsprekend ernstig wordt bemoeilijkt.
Laatst bijgewerkt op 17 november 2010
Nieuws
SFO zoekt een stagiaire (23.09.11)Om de Arbocatalogus voor de orkesten te evalueren en te kunnen bijstellen zoekt het SFO een

Oudere muzikant heeft nog gevoelig gehoor (21.09.11)
Mensen die sinds hun 16de of jonger actief met muziek bezig zijn en die minstens zes jaar 
Nieuwe Arbocatalogus Podiumkunsten (15.09.11)
In de nieuwe Arbocatalogus voor de Podiumkunsten zijn de onderwerpen psychosociale 
Weer 2 workshops met 17 deelnemers van start (09.09.11)
In september starten weer 2 workshops Loopbaanbezinning voor orkestmusici. 17 deelnemers hebben 
Nieuwe workshops loopbaanbezinning 2011/ 2012 (14.06.11)
Het SFO biedt in 2011 en 2012 ook weer workshops Loopbaanbezinning aan voor orkestmusici. Kijkt u 
Muziekenzorg.nl vernieuwd (08.06.11)
Voor advies over de aard en behandeling van hun muziekblessures kunnen orkestmusici nu terecht op 
Workshops Loopbaanbezinning geëvalueerd (01.12.10)
Sinds 2009 hebben 45 orkestmusici de workshops Loopbaanbezinning gevolgd. 22 deelnemers hebben 
Loopbaanboekje voor orkestmusici (23.09.10)
Het Sociaal Fonds Orkesten (SFO) heeft een loopbaanboekje ontwikkeld voor orkestmusici. Met deze 
Regeling Loopbaanbeleid voor orkesten(08.06.10)
Soms dreigen orkestmusici uit te vallen vanwege problemen met fysieke belastbaarheid, de 
Nieuwsarchief 